N

De roos uit het gezicht:

De roos uit het gezicht:
In stilte groeit een roos van rood,
haar bloemblaadjes vallen één voor één op haar schoot.

Een doorn die prikt maar ook haar grenzen bewaakt,
de bloem die leeft en nooit is geraakt.

De scheuren fluisteren oneindig zacht,
hoe zij gebroken werd en toch gaf het haar kracht.

Haar ogen dromen zonder woord,
wat verloren ging haar binnenkant voelt aan als vermoord.

Een roos ontwaakt terwijl pijn praat,
De scheuren zorgen dat ze nooit alleen staat.

De scheuren spreken zonder spijt,
van wat haar brak maar ook heeft bevrijdt.

In haar wat niemand ziet,
de roos en haar stil verdriet.
De roos uit het gezicht: