In het hart van de nacht fluistert de stilte
Een verhaal zo oud als de maan,
Over een ziel die wandelt, alleen,
In haar zoektocht naar verbonden zijn.
Zij omarmt de eenzaamheid,
Als een oude vriend, vertrouwd maar koud,
Een schaduw die volgt, ongevraagd,
Door de lege kamers van haar geest.
Maar in de stilte, tussen ster en droom,
Ontwaakt een hoop die zachtjes spreekt,
Over de kracht van het alleen zijn,
En de schoonheid van het zelf vinden.