E

Gedanst door de Maan

De zee, een gordijn van fluweel,
Draagt de golven, zacht en teer.
Elke rimpeling fluistert een geheim,
Elk schuimkraagje zingt een lied.

In de diepte, waar stilte spreekt,
Wiegt het water dromen in slaap.
Maar aan de oppervlakte dansen zij,
Gekust door maanlicht, vrij en blij.